JUDY LOHMAN
VAN HARTE WELKOM
HOMEBLOGOVER JUDY LOHMANONZE BOEKENVEEL GESTELDE VRAGENKOPENCONTACTCOLUMNSLINKSVOOR HET GOEDE DOELREISVERHALENEBOOK GRATIS DOWNLOADEN

Angst voor vrij kamperen

 In Amerika hebben wij in 2011 een tocht van zeven maanden gemaakt met onze camper, die wij van Antwerpen naar Baltimore hadden verscheept. Wij reden dertigduizend kilometer door 30 Staten en kampeerden op 130 plaatsen (waarvan slechts vier op een camping). Mensen vragen ons regelmatig of we geen angst hebben om vrij te kamperen. Wij zijn echter beiden opgegroeid op afgelegen plekken, zeg maar in de boonies, en zijn daardoor niet bang om in de vrije natuur te staan. Angst kennen we niet. Of toch? Voordat we een enerverende ervaring met u delen, moeten we u eerst iets vertellen over onze gewoonte om tijdens het reizen ’s avonds naar een videofilm te kijken. Zo keken wij in Amerika dagelijks naar een aflevering van de serie The Wire, een bloedstollende politieserie die zich afspeelt in Baltimore, een havenplaats aan de oostkust van Amerika. Een van de centrale thema’s is de handel in drugs. Veel hoofdrolspelers zijn criminele Afro-Amerikanen, met kortgeschoren hoofden, broeken met het kruis tot op de knieën, gespierd, en natuurlijk gewapend met pistolen. De doden vallen bij bosjes. Soms was het zo bloedig dat we slecht sliepen.

 De avond waarop het gebeurde kampeerden we in Arizona, boven Sedona in het Coconino National Forest, op een dispersed camping plaats. Dit zijn - gebruikelijk in een National Forest - vrije kampeerplekken zonder enige voorziening. We stonden op een open plek midden in het bos, slechts via een smal, ongeplaveid pad te bereiken. We waanden ons de bekende speld in de hooiberg. De doorgaande weg was enkele kilometers van ons verwijderd, het dichtstbijzijnde stadje Sedona - en eventuele redding - 50 kilometer verder. Hoewel we naar een aflevering van The Wire hadden gekeken sliepen we uitstekend. Tenminste tot twee uur ’s nachts. Toen kwamen er opeens drie auto’s, SUV’s, om onze camper staan, de koplampen op ons gericht. Door het geronk van de auto’s waren we binnen een seconde klaarwakker en stroomde er pure adrenaline door onze aderen. We tuurden door een spleet in het gordijn van het slaapkamerraampje. Negen Afro-Amerikanen, rechtstreeks uit de televisieserie, stapten uit. Dit was nou precies waar iedereen ons altijd voor waarschuwt. Beroving, verkrachting en de rest van het rampscenario. Zagen we daar geen pistolen? De mannen liepen rond in het schijnsel van de koplampen. Het enige geluid in de camper was het gebonk van onze harten. ‘Vlug, het lampje van de koelkast uitdoen. Misschien hebben ze niet door dat we er zijn,’ siste één van ons. Daar zaten we dan, twee angsthazen met onze ogen gefixeerd op de mannen. Ondertussen volledig gekleed en gereed om weg te sprinten. We gaven onszelf niet veel kans. Maar wat deden die lui nou? Ze liepen nog steeds rond, drie van hen liepen verder het bos in. Dankzij het schijnsel van de maan konden we ze met de verrekijker begluren. De resterende mannen bleven druk gesticulerend rond onze camper staan. Bespraken ze een aanvalsplan? Zouden wij via het dakraam kunnen vluchten? Konden wij de sprong van 3,5 meter maken? Voorkant of achterkant? In welke richting zouden wij het beste kunnen wegrennen? Voor de zekerheid noteerden we de nummerborden. Mochten we dit niet overleven, dan zou uiteindelijk gerechtigheid geschieden, mompelden we tegen elkaar. De drie mannen kwamen terug. Er werd weer druk geconverseerd en gebaard naar de plek waar de drie net vandaan kwamen. Even later reden de drie auto’s een stukje verderop en gingen in een cirkel staan. Het gaf enige opluchting, maar niet veel en van korte duur. Opeens liepen ze allemaal rond door het bos en ze leken iets te zoeken? Sommigen hadden een zaklantaarn. Het licht scheen ongedurig over de grond. Wat waren ze aan het doen? Waren ze soms bezig drugs te verbergen? Hadden we dat niet onlangs in de serie gezien? Een van hen opende een kofferbak. ‘Daar zit natuurlijk een lijk in. Wedden?’, fluisterde een van ons. Onze neuzen drukten tegen het raam. Verrek, daar werd iets groots, opgerold in een tapijt uit de kofferbak getild. Nu waren we van potentiële slachtoffers getransformeerd tot getuigen. Vast een drugsliquidatie. Onze overlevingskansen slonken zienderogen. Zouden ze hem begraven? vroegen we ons af. Of verbranden? Onze vraag werd even later beantwoord. Een tweede kofferbak werd geopend. En ja hoor, daar kwam een jerrycan tevoorschijn. ‘Benzine,’ voorspelden we mismoedig. We slikten. Dit zag er helemaal niet gunstig uit. De jerrycan werd leeggegooid. Even later likten vlammen hoog naar de hemel. Zelfs in onze camper konden we het opgewonden geknisper van het vuur horen. De mannen joelden. We begrepen er steeds minder van. Totdat het tapijt werd uitgerold, er een krat bier uit een kofferbak werd gehaald en de mannen gezellig rond het vuur gingen zitten.
 
Angst voor vrij kamperen
Fietsendiefstal
Rituelen
De juiste maat
Waarom reist een mens
In vertrouwde handen
Veranderende samenleving
Slapen bij Walmart
Hoe jouw probleem zijn probleem wordt
Op zoek naar een man
HOMEBLOGOVER JUDY LOHMANONZE BOEKENVEEL GESTELDE VRAGENKOPENCONTACTCOLUMNSLINKSVOOR HET GOEDE DOELREISVERHALENEBOOK GRATIS DOWNLOADEN